weekje Noord-Cyprus (I)



We werden aangetrokken door de goedkope excursietrip. Een week in een driesterrenhotel, met interessante uitstapjes onder begeleiding van een Nederlandse gids, in Noord-Cyprus. Mijn gevoel zei me dat Turks-Cyprus niet zo interessant of mooi was dan de rest van Cyprus, maar het tegenovergestelde bleek het geval te zijn. In Zuid-Cyprus ben ik weliswaar niet geweest, maar ik hoorde het van iemand die daar wel was geweest, en ook op internet zag je alleen verhalen over Zuid-Cyprus "met de mogelijkheid om Noord-Cyprus te bezoeken". Noord-Cyprus, bezet door de moslims, nou dan weet je het wel, zegt het gevoel. Doordat ik Erdogan en zijn politieke partij vreselijk vind, speelde ook mee dat ik een lichte wroeging voelde door naar een land te gaan waar hij ook de scepter zwaaide, want de regering van Noord-Cyprus is in alles van Turkije afhankelijk. Achteraf kun je alleen maar zeggen, dat de bezetting door Turkije van het noorden het enige was dat rust kon brengen in de burgeroorlog die eraan voorafging. Ik bezag alles toch met een iets ander oog dan Janine, die politiek niet zo geïnteresseerd is, maar ook heeft genoten van de landschappen en de excursies.

Het vertrek vanuit Schiphol verliep op rolletjes. We gingen vanuit onze woonplaats Hardegarijp met de trein, die direct onder de luchthaven stopt en konden zo met de roltrap omhoog, naar de diverse check-  en controlepunten die je moet passeren voordat je eindelijk aan boord van het vliegtuig kunt stappen. Het lange, lange, wachten tot je aan boord kunt hoort erbij en is mijn grootste bezwaar tegen vliegreizen, naast het nachtelijke vliegen op de terugweg bij goedkope reizen. Maar ja, je wil erheen en dan moet je vliegen, bootreizen en de Oriënt-express zijn veel duurder en dan ben je na een week waar je wezen wil, of nog niet, en dan moet je alweer terug, dus dat wachten neem je maar voor lief.

We maakten een tussenlanding in Antalya, een flinke stad (qua aantal inwoners groter dan Amsterdam) met veel toerisme, aan de zuidkust van Turkije. Ik vond dat vreemd, maar in de reisbeschrijving stond dat dat moest "vanwege internationale afspraken". De eindbestemming op Cyprus was nog geen half uur verder vliegen, dus bijtanken kon niet de reden zijn. Op het vliegveld van Antalya moesten we overstappen in een ander vliegtuig, dat naast het onze stond geparkeerd. We moesten echter eerst in een bus stappen, waarin we het hele vliegveld werden overgereden, waarna we weer bij dat naast-geparkeerde vliegtuig aankwamen. Toch gauw een uur extra reistijd. Ik zei tegen Janine, dat Noord-Cyprus slechts door Turkije als zelfstandige staat werd erkend, en door andere landen economisch werd geboycot, dus ook met vliegreizen, en dat het nu net leek alsof we vanuit Turkije naar Noord-Cyprus vlogen, dus mocht het. Maar Janine vond dat "politiek complot-denken" van mij en wilde het er verder niet over hebben.

De aankomst op Cyprus midden in de nacht (2 uur plaatselijke tijd, 1 uur in Nederland) was weer een beproeving: 1 uur in de rij (met achter ons nog een enorme rij) voor de paspoortcontrole. Er waren slechts twee "kassa's" bemenst, blijkbaar was nachtdienst voor de douane (hier de politie aan de uniformen af te lezen) te duur. De politievrouw aan onze "kassa" droeg géén hoofddoek, merkte ik op. Er was een aparte "kassa" voor militairen, een groep militairen ging er vlot doorheen. Daarna eindelijk naar de bus die ons naar het hotel zou brengen. Ik verwachtte niet veel soeps van het hotel, o die vreselijke vooroordelen. De ingang bevestigde het: een lullige entree met de naam erboven in lichtende letters "Riverside Hotel", terwijl er op heel Cyprus maar één riviertje is en niet op die plek. Het Riverside Hotel bleek een logenstraffing van mijn vooroordeel, het was een compleet resort met zwembad, uitstekend restaurant en uiterste hygiene, en heel veel vooral Oostaziatisch, buitengewoon beleefd en gedienstig personeel. Het leek wel een soort productiebedrijf waar aan aankomende en weer vertrekkende, vooral vijftig-plus vakantiegangers efficiënt gastvrijheid werd verleend in een paradijselijke omgeving met veel bloemen en struiken, die met grote slangen vanuit een vijver van water werden voorzien, want regenen doet het zelden op Cyprus rond deze tijd. Onder het personeel ook veel Indiërs en Pakistani, die studenten bleken te zijn aan een van de zeventien(!) universiteiten in Noord-Cyprus. Helaas worden de diploma's van de meeste ervan ook weer niet in het buitenland erkend. Onze kamer bleek wel ingericht te zijn voor een pasja: zware draperieën en bronzen glimmers overal, de badkamer vol snufjes waar we geen gebruik van maakten, en natuurlijk een balkon waar gerookt mocht worden. Later bleek, dat Noord-Cyprus in zijn geheel, behoorlijk goed is afgestemd op Europees toerisme, en alleen de McDonaldsen, KFC's, overal  supermarkten en Starbucks ontbeert.

Wat opviel in de week na aankomst, was dat de islam niet de boventoon voert op Noord-Cyprus. Weliswaar waren overal moskeeën en veel verlaten, of tot moskee verbouwde orthodoxe kerken, en hoorde je gebedsoproepen, maar het leek wel of de islam op Noord-Cyprus een gewone godsdienst was, die je thuis kon beoefenen of niet, dat was aan jou, zoals hier het katholiek of hervormd-zijn. Hoofddoeken zie je vaker in Den Haag of Amsterdam op de markt, dan op de markt van Kirenia. Overal werd alcoholhoudende drank verkocht en gedronken, zonder enige schroom of terughoudendheid, en dan niet alleen ten behoeve van de toeristen, zelfs zag ik een varkensslagerij, met op de winkelruit in grote letters "Pig Shop". Wat wel opvalt, is de Turksheid van de cultuur. Na de inval van de Turken in 1974 en de oprichting van de Republiek Noord-Cyprus vond er een immigratie plaats van Turken van het vasteland: 200.000 mensen op een oorspronkelijk aantal van 100.000, waaronder dus ook Grieks-Cyprioten. De meerderheid is dus gewoon Turk, naast Noord-Cyprioot. Je zag ook nergens Griekstalige opschriften, die moeten er vóór 1974 wel overvloedig zijn geweest, maar de christelijke Grieks-Cyprioten zijn bijna allemaal verbannen naar het zuiden. Je kunt dus spreken van een "omvolking". De Turkse gewoonte om overal vlaggen te laten wapperen zie je ook op Noord-Cyprus: je ziet dan de Noord-Cypriotische vlag, met altijd en overal ernaast de Turkse vlag. Eigenlijk is Noord-Cyprus gewoon de facto een provincie van Turkije, nog Turkser dan Turkije zelf, omdat het, anders dan de moederstaat, verstoken blijft van internationale erkenning en internationale handel:  alle handel verloopt via Turkije, met bijna uitsluitend Turkse producten. Istanbul en Ankara zijn wat dat betreft dus zelfs minder "Turks".

(Wordt vervolgd)



Reacties

Populaire posts van deze blog

De onrealistische immigratieplannen van de EU

Oordeelt niet, opdat gij niet geoordeeld wordet

Verantwoording